NEDERLANDS
🇬🇧

    Noordelijken

    uncommonZipf 2.3

    werkwoord

    • noordelijken

      Verb/'nordələkən; 'nordələkə/

      infinitief

      noordelijken

      tegenwoordige tijd

      noordelijknoordelijktnoordelijken

      verleden tijd

      noordelijktenoordelijkten

      tegenwoordig deelwoord

      noordelijkendnoordelijkende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning