Omzomen
uncommonZipf 1.8
een zoom maken; omboorden; omlijsten
omzomen
Verb/ɔm'zomən; ɔm'zomə/een zoom maken
infinitief
omzomentegenwoordige tijd
omzoomomzoomtomzomenverleden tijd
omzoomdeomzoomdentegenwoordig deelwoord
omzomendomzomendeomzomen
Verb/'ɔmzomən; 'ɔmzomə/omboorden; omlijsten
infinitief
omzomentegenwoordige tijd
zoom omomzoomzoomt omomzoomtzomen omomzomenverleden tijd
zoomde omomzoomdezoomden omomzoomdentegenwoordig deelwoord
omzomendomzomende
Create a free account to generate the full entry for this word.
Free. No password.