NEDERLANDS
🇬🇧

    Opgebaard

    uncommonZipf 2.5

    werkwoord

    • opbaren

      Verb/'ɔbarən; 'ɔbarə/

      infinitief

      opbaren

      tegenwoordige tijd

      baar opopbaarbaart opopbaartbaren opopbaren

      verleden tijd

      baarde opopbaardebaarden opopbaarden

      tegenwoordig deelwoord

      opbarendopbarende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning