Opgevangen
commonZipf 3.6
werkwoord
opvangen
Verb/'ɔpfɑŋən; 'ɔpfɑŋə/infinitief
opvangentegenwoordige tijd
vang opopvangvangt opopvangtvangen opopvangenverleden tijd
ving opopvingvingen opopvingentegenwoordig deelwoord
opvangendopvangende
Create a free account to generate the full entry for this word.
Free. No password.