NEDERLANDS
🇬🇧

    Opgewaardeerd

    uncommonZipf 2.6

    werkwoord

    • opwaarderen

      Verb/'ɔpwarderən; 'ɔpwarderə/

      infinitief

      opwaarderen

      tegenwoordige tijd

      waardeer opopwaardeerwaardeert opopwaardeertwaarderen opopwaarderen

      verleden tijd

      waardeerde opopwaardeerdewaardeerden opopwaardeerden

      tegenwoordig deelwoord

      opwaarderendopwaarderende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.