Oplegde
uncommonZipf 2.5
werkwoord
opleggen
Verb/'ɔplɛɣən; 'ɔplɛɣə/infinitief
opleggentegenwoordige tijd
leg opopleglegt opoplegtleggen opopleggenverleden tijd
legde opoplegdelegden opoplegdentegenwoordig deelwoord
opleggendopleggende
Create a free account to generate the full entry for this word.
Free. No password.