NEDERLANDS
🇬🇧

    Opteren

    uncommonZipf 1.8

    geheel en al opmaken; kiezen voor; opnieuw teren

    • opteren

      Verb/'ɔpterən; 'ɔpterə/

      geheel en al opmaken

      infinitief

      opteren

      tegenwoordige tijd

      teer opopteerteert opopteertteren opopteren

      verleden tijd

      teerde opopteerdeteerden opopteerden

      tegenwoordig deelwoord

      opterendopterende
    • opteren

      Verb/ɔp'terən; ɔp'terə/

      kiezen voor

      infinitief

      opteren

      tegenwoordige tijd

      opteeropteertopteren

      verleden tijd

      opteerdeopteerden

      tegenwoordig deelwoord

      opterendopterende
    • opteren

      Verb/'ɔpterən; 'ɔpterə/

      opnieuw teren

      infinitief

      opteren

      tegenwoordige tijd

      teer opopteerteert opopteertteren opopteren

      verleden tijd

      teerde opopteerdeteerden opopteerden

      tegenwoordig deelwoord

      opterendopterende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning