NEDERLANDS
🇬🇧

    Opzwepen

    uncommonZipf 2.1

    werkwoord

    • opzwepen

      Verb/'ɔpswepən; 'ɔpswepə/

      infinitief

      opzwepen

      tegenwoordige tijd

      zweep opopzweepzweept opopzweeptzwepen opopzwepen

      verleden tijd

      zweepte opopzweeptezweepten opopzweepten

      tegenwoordig deelwoord

      opzwependopzwepende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning