Overhalen
A2top5000Zipf 4.0
zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord
de overhaal
Common noun/'ovərhal/enkelvoud
overhaaloverhaaltjemeervoud
overhalenoverhaaltjesoverhalen
Verb/'ovərhalən; 'ovərhalə; ovər'halən; ovər'halə//hij-heeft-me-overhaald-of-overgehaald
infinitief
overhalentegenwoordige tijd
haal overoverhaalhaalt overoverhaalthalen overoverhalenverleden tijd
haalde overoverhaaldehaalden overoverhaaldentegenwoordig deelwoord
overhalendoverhalende
Create a free account to generate the full entry for this word.
Free. No password.