NEDERLANDS
🇬🇧

    Overkookt

    uncommonZipf 2.1

    werkwoord

    • overkoken

      Verb/'ovərkokən; 'ovərkokə/

      infinitief

      overkoken

      tegenwoordige tijd

      kook overoverkookkookt overoverkooktkoken overoverkoken

      verleden tijd

      kookte overoverkooktekookten overoverkookten

      tegenwoordig deelwoord

      overkokendoverkokende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning