Overmaakt
uncommonZipf 2.3
werkwoord
overmaken
Verb/'ovərmakən; 'ovərmakə/infinitief
overmakentegenwoordige tijd
maak overovermaakmaakt overovermaaktmaken overovermakenverleden tijd
maakte overovermaaktemaakten overovermaaktentegenwoordig deelwoord
overmakendovermakende
Create a free account to generate the full entry for this word.
Free. No password.