NEDERLANDS
🇬🇧

    Overman

    uncommonZipf 2.2

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord

    • de overman

      Common noun/'ovərmɑn/

      enkelvoud

      overman

      meervoud

      overmannen
    • overmannen

      Verb/ovər'mɑnən; ovər'mɑnə/

      infinitief

      overmannen

      tegenwoordige tijd

      overmanovermantovermannen

      verleden tijd

      overmandeovermanden

      tegenwoordig deelwoord

      overmannendovermannende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning