NEDERLANDS
🇬🇧

    Parasiteren

    uncommonZipf 2.3

    werkwoord

    • parasiteren

      Verb/parasi'terən; parasi'terə/

      infinitief

      parasiteren

      tegenwoordige tijd

      parasiteerparasiteertparasiteren

      verleden tijd

      parasiteerdeparasiteerden

      tegenwoordig deelwoord

      parasiterendparasiterende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning