Plens
uncommonZipf 2.2
zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord
de plens
Common noun/'plɛns/enkelvoud
plensplensjemeervoud
plenzenplensjesplenzen
Verb/'plɛnzən; 'plɛnzə/infinitief
plenzentegenwoordige tijd
plensplenstplenzenverleden tijd
plensdeplensdentegenwoordig deelwoord
plenzendplenzende
Create a free account to generate the full entry for this word.
Free. No password.