Plons
uncommonZipf 2.7
tussenwerpsel; zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord
plons
Interjection/'plɔns/~
plonsde plons
Common noun/'plɔns/enkelvoud
plonsplonsjemeervoud
plonsenplonzenplonsjesplonzen
Verb/'plɔnzən; 'plɔnzə/infinitief
plonzentegenwoordige tijd
plonsplonstplonzenverleden tijd
plonsdeplonsdentegenwoordig deelwoord
plonzendplonzende
Create a free account to generate the full entry for this word.
Free. No password.