NEDERLANDS
🇬🇧

    Punteren

    uncommonZipf 1.8

    met een punter varen; punten zetten

    • punteren

      Verb/'pʏntərən; 'pʏntərə/

      met een punter varen

      infinitief

      punteren

      tegenwoordige tijd

      punterpuntertpunteren

      verleden tijd

      punterdepunterden

      tegenwoordig deelwoord

      punterendpunterende
    • punteren

      Verb/pʏn'terən; pʏn'terə/

      punten zetten

      infinitief

      punteren

      tegenwoordige tijd

      punteerpunteertpunteren

      verleden tijd

      punteerdepunteerden

      tegenwoordig deelwoord

      punterendpunterende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning