NEDERLANDS
🇬🇧

    Raag

    uncommonZipf 1.8

    werkwoord

    • ragen

      Verb/'raɣən; 'raɣə/

      infinitief

      ragen

      tegenwoordige tijd

      raagraagtragen

      verleden tijd

      raagderaagden

      tegenwoordig deelwoord

      ragendragende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning