NEDERLANDS
🇬🇧

    Recidiveren

    uncommonZipf 1.8

    werkwoord

    • recidiveren

      Verb/residi'verən; residi'verə/

      infinitief

      recidiveren

      tegenwoordige tijd

      recidiveerrecidiveertrecidiveren

      verleden tijd

      recidiveerderecidiveerden

      tegenwoordig deelwoord

      recidiverendrecidiverende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning