NEDERLANDS
🇬🇧

    Regerend

    uncommonZipf 2.6

    werkwoord; adjectief

    • regeren

      Verb/rə'ɣerən; rə'ɣerə/

      infinitief

      regeren

      tegenwoordige tijd

      regeerregeertregeren

      verleden tijd

      regeerderegeerden

      tegenwoordig deelwoord

      regerendregerende
    • regerend

      Adjective/rə'ɣerənt/

      stellende trap

      regerendregerenderegerends

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.