Rinkel
uncommonZipf 1.8
werkwoord; zelfstandig naamwoord, enkelvoud
rinkelen
Verb/'rɪŋkələn; 'rɪŋkələ/infinitief
rinkelentegenwoordige tijd
rinkelrinkeltrinkelenverleden tijd
rinkelderinkeldentegenwoordig deelwoord
rinkelendrinkelendede rinkel
Common noun/'rɪŋkəl/enkelvoud
rinkelrinkeltjemeervoud
rinkelsrinkeltjes
Create a free account to generate the full entry for this word.
Free. No password.