NEDERLANDS
🇬🇧

    Ruziegemaakt

    uncommonZipf 1.8

    werkwoord

    • ruziemaken

      Verb/'ryzimakən; 'ryzimakə/

      infinitief

      ruziemaken

      tegenwoordige tijd

      maak ruzieruziemaakmaakt ruzieruziemaaktmaken ruzieruziemaken

      verleden tijd

      maakte ruzieruziemaaktemaakten ruzieruziemaakten

      tegenwoordig deelwoord

      ruziemakendruziemakende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning