Samenroepen
uncommonZipf 2.3
werkwoord
samenroepen
Verb/'samənrupən; 'samərupə/infinitief
samenroepentegenwoordige tijd
roep samensamenroeproept samensamenroeptroepen samensamenroepenverleden tijd
riep samensamenriepriepen samensamenriepentegenwoordig deelwoord
samenroependsamenroepende
Create a free account to generate the full entry for this word.
Free. No password.