NEDERLANDS
🇬🇧

    Schepper

    commonZipf 3.6

    God; iemand die iets maakt; (gebruiker van een) schepwerktuig

    • Schepper

      Proper noun/'sxɛpər/

      God

      enkelvoud

      Schepper
    • de schepper

      Common noun/'sxɛpər/

      iemand die iets maakt

      enkelvoud

      schepperscheppertje

      meervoud

      scheppersscheppertjes
    • de schepper

      Common noun/'sxɛpər/

      (gebruiker van een) schepwerktuig

      enkelvoud

      schepperscheppertje

      meervoud

      scheppersscheppertjes

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.