Touren
uncommonZipf 2.4
een rit maken; een tournee maken
touren
Verb/'turən; 'turə/een rit maken; een tournee maken
infinitief
tourentegenwoordige tijd
tourtourttourenverleden tijd
tourdetourdentegenwoordig deelwoord
tourendtourende
Create a free account to generate the full entry for this word.
Free. No password.