NEDERLANDS
🇬🇧

    Traineert

    uncommonZipf 2.0

    werkwoord

    • traineren

      Verb/trɛ'nerən; trɛ'nerə/

      infinitief

      traineren

      tegenwoordige tijd

      traineertraineerttraineren

      verleden tijd

      traineerdetraineerden

      tegenwoordig deelwoord

      trainerendtrainerende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning