Uitgenomen
uncommonZipf 2.3
werkwoord; voorzetsel
uitnemen
Verb/'œytnemən; 'œytnemə/infinitief
uitnementegenwoordige tijd
neem uituitneemneemt uituitneemtnemen uituitnemenverleden tijd
nam uituitnamnamen uituitnamentegenwoordig deelwoord
uitnemenduitnemendeuitgenomen
Preposition/'œytxənomən; 'œytxənomə/~
uitgenomen
Create a free account to generate the full entry for this word.
Free. No password.