NEDERLANDS
🇬🇧

    Uitgerezen

    werkwoord

    • uitrijzen

      Verb/'œytrɛɪzən; 'œytrɛɪzə/

      infinitief

      uitrijzen

      tegenwoordige tijd

      rijs uituitrijsrijst uituitrijstrijzen uituitrijzen

      verleden tijd

      rees uituitreesrezen uituitrezen

      tegenwoordig deelwoord

      uitrijzenduitrijzende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning