NEDERLANDS
🇬🇧

    Uitnemen

    uncommonZipf 2.6

    werkwoord

    • uitnemen

      Verb/'œytnemən; 'œytnemə/

      infinitief

      uitnemen

      tegenwoordige tijd

      neem uituitneemneemt uituitneemtnemen uituitnemen

      verleden tijd

      nam uituitnamnamen uituitnamen

      tegenwoordig deelwoord

      uitnemenduitnemende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.