NEDERLANDS
🇬🇧

    Uitrekent

    uncommonZipf 1.8

    werkwoord

    • uitrekenen

      Verb/'œytrekənən; 'œytrekənə/

      infinitief

      uitrekenen

      tegenwoordige tijd

      reken uituitrekenrekent uituitrekentrekenen uituitrekenen

      verleden tijd

      rekende uituitrekenderekenden uituitrekenden

      tegenwoordig deelwoord

      uitrekenenduitrekenende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning