NEDERLANDS
🇬🇧

    Uitroep

    uncommonZipf 2.5

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord

    • de uitroep

      Common noun/'œytrup/

      enkelvoud

      uitroepuitroepje

      meervoud

      uitroepenuitroepjes
    • uitroepen

      Verb/'œytrupən; 'œytrupə/

      aanvoegende wijs

      roepe uituitroepe

      infinitief

      uitroepen

      tegenwoordige tijd

      roep uituitroeproept uituitroeptroepen uituitroepen

      verleden tijd

      riep uituitriepriepen uituitriepen

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning