NEDERLANDS
🇬🇧

    Uitrol

    uncommonZipf 2.0

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord

    • de uitrol

      Common noun/'œytrɔl/

      enkelvoud

      uitrol

      meervoud

      uitrollen
    • uitrollen

      Verb/'œytrɔlən; 'œytrɔlə/

      infinitief

      uitrollen

      tegenwoordige tijd

      rol uituitrolrolt uituitroltrollen uituitrollen

      verleden tijd

      rolde uituitrolderolden uituitrolden

      tegenwoordig deelwoord

      uitrollenduitrollende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning