NEDERLANDS
🇬🇧

    Uitweiden

    uncommonZipf 2.4

    uitvoerig spreken

    • uitweiden

      Verb/'œytwɛɪdən; 'œytwɛɪdə/

      uitvoerig spreken

      /uitwijden-of-uitweiden

      infinitief

      uitweiden

      tegenwoordige tijd

      weid uituitweidweidt uituitweidtweiden uituitweiden

      verleden tijd

      weidde uituitweiddeweidden uituitweidden

      tegenwoordig deelwoord

      uitweidenduitweidende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning