Uitweiden
uncommonZipf 2.4
uitvoerig spreken
uitweiden
Verb/'œytwɛɪdən; 'œytwɛɪdə/uitvoerig spreken
/uitwijden-of-uitweiden
infinitief
uitweidentegenwoordige tijd
weid uituitweidweidt uituitweidtweiden uituitweidenverleden tijd
weidde uituitweiddeweidden uituitweiddentegenwoordig deelwoord
uitweidenduitweidende
Create a free account to generate the full entry for this word.
Free. No password.