NEDERLANDS
🇬🇧

    Uitwerkte

    uncommonZipf 1.8

    werkwoord

    • uitwerken

      Verb/'œytwɛrkən; 'œytwɛrkə/

      infinitief

      uitwerken

      tegenwoordige tijd

      werk uituitwerkwerkt uituitwerktwerken uituitwerken

      verleden tijd

      werkte uituitwerktewerkten uituitwerkten

      tegenwoordig deelwoord

      uitwerkenduitwerkende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning