NEDERLANDS
🇬🇧

    Uitzwaai

    uncommonZipf 1.8

    werkwoord; zelfstandig naamwoord, enkelvoud

    • uitzwaaien

      Verb/'œytswajən; 'œytswajə/

      infinitief

      uitzwaaien

      tegenwoordige tijd

      zwaai uituitzwaaizwaait uituitzwaaitzwaaien uituitzwaaien

      verleden tijd

      zwaaide uituitzwaaidezwaaiden uituitzwaaiden

      tegenwoordig deelwoord

      uitzwaaienduitzwaaiende
    • de uitzwaai

      Common noun/'œytswaj/

      enkelvoud

      uitzwaai

      meervoud

      uitzwaaien

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning