NEDERLANDS
🇬🇧

    Vakantietijd

    uncommonZipf 2.1

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud

    • de vakantietijd

      Common noun/; va'kɑntsitɛɪt; va'kɑnsitɛɪt/

      enkelvoud

      vakantietijd

      meervoud

      vakantietijden

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning