NEDERLANDS
🇬🇧

    Vastgespijkerd

    uncommonZipf 2.6

    werkwoord

    • vastspijkeren

      Verb/'vɑstspɛɪkərən; 'vɑstspɛɪkərə/

      infinitief

      vastspijkeren

      tegenwoordige tijd

      spijker vastvastspijkerspijkert vastvastspijkertspijkeren vastvastspijkeren

      verleden tijd

      spijkerde vastvastspijkerdespijkerden vastvastspijkerden

      tegenwoordig deelwoord

      vastspijkerendvastspijkerende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning