Verblijve
hetverblijf
Common nounplek waar men woont
- de plaats waar iemand tijdelijk woont of logeertMijn verblijf in Amsterdam duurt twee weken.
- de periode dat iemand ergens blijftMijn verblijf in Amsterdam duurt twee weken.
- een ruimte of gebouw waar mensen tijdelijk kunnen wonenHet verblijf in het hotel is comfortabel.
verblijven
Verbtijdelijk of officieel ergens wonen of logeren
logeren/tijdelijk
Voor korte tijd ergens wonen of slapen, bijvoorbeeld in een hotel of bij iemand thuis.
Wij verblijven deze week in een hotel.
wonen/formeel
Formeel zeggen dat iemand ergens woont of officieel aanwezig is, vaak voor langere tijd of in een land/institutie.
Zij verblijft al jaren in Nederland.
verblijven inverblijven bijtijdelijk verblijvenlangdurig verblijvenpermanent verblijven