NEDERLANDS
🇬🇧

    Verbreken

    A2commonZipf 3.7

    werkwoord

    • verbreken

      Verb/vər'brekən; vər'brekə/

      infinitief

      verbreken

      tegenwoordige tijd

      verbreekverbreektverbreken

      verleden tijd

      verbrakverbraken

      tegenwoordig deelwoord

      verbrekendverbrekende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.