NEDERLANDS
🇬🇧

    Verbroederen

    uncommonZipf 2.6

    werkwoord

    • verbroederen

      Verb/vər'brudərən; vər'brudərə/

      infinitief

      verbroederen

      tegenwoordige tijd

      verbroederverbroedertverbroederen

      verleden tijd

      verbroederdeverbroederden

      tegenwoordig deelwoord

      verbroederendverbroederende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.