NEDERLANDS
🇬🇧

    Verpachten

    uncommonZipf 2.1

    werkwoord

    • verpachten

      Verb/vər'pɑxtən; vər'pɑxtə/

      infinitief

      verpachten

      tegenwoordige tijd

      verpachtverpachten

      verleden tijd

      verpachtteverpachtten

      tegenwoordig deelwoord

      verpachtendverpachtende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning