NEDERLANDS
🇬🇧

    Verpraten

    uncommonZipf 1.8

    werkwoord

    • verpraten

      Verb/vər'pratən; vər'pratə/

      infinitief

      verpraten

      tegenwoordige tijd

      verpraatverpraten

      verleden tijd

      verpraatteverpraatten

      tegenwoordig deelwoord

      verpratendverpratende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning