NEDERLANDS
🇬🇧

    Verzachtte

    uncommonZipf 1.8

    werkwoord

    • verzachten

      Verb/vər'zɑxtən; vər'zɑxtə/

      infinitief

      verzachten

      tegenwoordige tijd

      verzachtverzachten

      verleden tijd

      verzachtteverzachtten

      tegenwoordig deelwoord

      verzachtendverzachtende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning