NEDERLANDS
🇬🇧

    Vestigden

    uncommonZipf 2.5

    werkwoord

    • vestigen

      Verb/'vɛstəɣən; 'vɛstəɣə/

      infinitief

      vestigen

      tegenwoordige tijd

      vestigvestigtvestigen

      verleden tijd

      vestigdevestigden

      tegenwoordig deelwoord

      vestigendvestigende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning