Voorlopen
uncommonZipf 1.8
zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord
de voorloop
Common noun/'vorlop/enkelvoud
voorloopmeervoud
voorlopenvoorlopen
Verb/'vorlopən; 'vorlopə/infinitief
voorlopentegenwoordige tijd
loop voorvoorlooploopt voorvoorlooptlopen voorvoorlopenverleden tijd
liep voorvoorliepliepen voorvoorliepentegenwoordig deelwoord
voorlopendvoorlopende
Create a free account to generate the full entry for this word.
Free. No password.