Voortrekken
uncommonZipf 2.5
werkwoord
voortrekken
Verb/'vortrɛkən; 'vortrɛkə/infinitief
voortrekkentegenwoordige tijd
trek voorvoortrektrekt voorvoortrekttrekken voorvoortrekkenverleden tijd
trok voorvoortroktrokken voorvoortrokkentegenwoordig deelwoord
voortrekkendvoortrekkende
Create a free account to generate the full entry for this word.
Free. No password.