NEDERLANDS
🇬🇧

    Vooruitbetaald

    uncommonZipf 2.1

    werkwoord

    • vooruitbetalen

      Verb/vo'rœydbətalən; vo'rœydbətalə/

      infinitief

      vooruitbetalen

      tegenwoordige tijd

      betaal vooruitvooruitbetaalbetaalt vooruitvooruitbetaaltbetalen vooruitvooruitbetalen

      verleden tijd

      betaalde vooruitvooruitbetaaldebetaalden vooruitvooruitbetaalden

      tegenwoordig deelwoord

      vooruitbetalendvooruitbetalende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning