NEDERLANDS
🇬🇧

    Vroem

    uncommonZipf 2.1

    tussenwerpsel; werkwoord

    • vroem

      Interjection/'vrum/

      ~

      vroem
    • vroemen

      Verb/'vrumən; 'vrumə/

      infinitief

      vroemen

      tegenwoordige tijd

      vroemvroemtvroemen

      verleden tijd

      vroemdevroemden

      tegenwoordig deelwoord

      vroemendvroemende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning