NEDERLANDS
🇬🇧

    Wankelde

    uncommonZipf 2.5

    werkwoord

    • wankelen

      Verb/'wɑŋkələn; 'wɑŋkələ/

      infinitief

      wankelen

      tegenwoordige tijd

      wankelwankeltwankelen

      verleden tijd

      wankeldewankelden

      tegenwoordig deelwoord

      wankelendwankelende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning