NEDERLANDS
🇬🇧

    Wasten

    uncommonZipf 2.4

    met was bestrijken; schoonmaken

    • wassen

      Verb/'wɑsən; 'wɑsə/

      met was bestrijken

      infinitief

      wassen

      tegenwoordige tijd

      waswastwassen

      verleden tijd

      wastewasten

      tegenwoordig deelwoord

      wassendwassende
    • wassen

      Verb/'wɑsən; 'wɑsə/

      schoonmaken

      infinitief

      wassen

      tegenwoordige tijd

      waswastwassen

      verleden tijd

      wastewasten

      tegenwoordig deelwoord

      wassendwassende

    Create a free account to generate the full entry for this word.

    Free. No password.

    Keep learning