Zwik
uncommonZipf 2.4
zaakje; verzwikking; hoekstuk; werkwoord
de zwik
Common noun/'zwɪk/zaakje
enkelvoud
zwikzwikjemeervoud
zwikkenzwikjesde zwik
Common noun/'zwɪk/verzwikking; hoekstuk
enkelvoud
zwikzwikjemeervoud
zwikkenzwikjeszwikken
Verb/'zwɪkən; 'zwɪkə/infinitief
zwikkentegenwoordige tijd
zwikzwiktzwikkenverleden tijd
zwiktezwiktentegenwoordig deelwoord
zwikkendzwikkende
Create a free account to generate the full entry for this word.
Free. No password.